Fiat Bravo 1.9 Multijet 150 Sport
Tekst en foto's:
Luc Vandevenne
|
et zijn nieuwe logo maakt Fiat duidelijk dat het heimwee heeft naar de jaren zestig en zeventig, toen Fiat nog synoniem stond voor sportieve, prettig rijdende auto’s. Door de jaren heen is er van dit imago weinig overgebleven. De naam Fiat leek eerder verbonden met bezadigde mensen die het niet zo nauw namen met prestaties, afwerkingskwaliteit en imago. De verkoop slabbakte dan ook voortdurend. Enkel in thuisland Italië deed de naam Fiat nog wat harten sneller kloppen. Maar dan eerder uit nostalgie.
Hoog tijd dus dat er enige verandering kwam en dat de glans van weleer weer naar boven zou komen. Na de flop van de nochtans niet onaardige Stilo was het de Grande Punto die de koopcijfers naar boven kreeg. Fiat diepte de naam Bravo weer op, een model dat succesvol was in de jaren negentig. De nieuwe Bravo kreeg de opdracht om de ingeslagen weg voort te zetten.
Wij wilden wel eens weten of wordt de “Sport”-versie werkelijk kers op de taart is als een aanlokkelijk alternatief vormt voor de sportieve jonge vader.
Koetswerk
Met 4.34 meter lengte, 1.79 meter breedte en 1.49 meter hoogte op een wielbasis van 2.60 meter past de Bravo mooi in de kleinere middenklasse. Een zaak is zeker, hij ziet er goed uit. De verhoudingen zijn goed in proportie en zijn mooie ronde vormen geven hem een eigen stoer en toch elegant karakter. De zo geroemde Italiaanse flair zit weer in de vloeiende lijnen ingebakken. Vooral de neus maakt hem onmiskenbaar. Ze heeft zelfs iets weg van de laatste Maserati’s. Zowel de koplampen als de sterke onderlip tonen duidelijke familiebanden. Of de bij Pininfarina weggeplukte nieuwe baas van de designafdeling van de Fiat groep, Lorenzo Ramaciotti, er voor iets tussen zit weten we niet, maar de Bravo vaart er wel bij. De zijlijn loopt hoog op naar de achterzijde en mondt daar uit in de lichtjes over de zijkant getrokken achterlichten. De sterk gewelfde spatborden passen mooi in het algemene beeld. Hieronder monteerde Fiat mooie 17-duims velgen met daarop brede 225/40-ers. Dat de remklauwen van deze “Sport”-versie rood gespoten zijn neem je er met de glimlach bij. De achterkant zelf is iets minder geslaagd. De vuistdikke dubbele uitlaat staat wel stevig op zijn plaats en de hooggeplaatste lichten zijn ondertussen gemeengoed. Het spoilertje boven de achterruit geeft het een vrolijke noot. Maar de bumper is een ander paar mouwen. Om hem wat minder massief te laten schijnen diende men enkele kunstgrepen uit te halen. Sommigen zullen misschien vallen voor de zwarte vlakken, maar het komt wat gekunsteld over.
Al bij al is het een leuk ogende auto. En het Bordeauxrood van onze testwagen staat hem eenvoudigweg beeldig.
Interieur
Binnenin is de Bravo voldoende ruim. De gekozen materialen zijn van goede kwaliteit en het geheel zit goed in elkaar.
De zetels zitten vrij hard met een goede zijdelingse steun, maar voor echte sportzetels zijn ze wat te ruim. Of zou Fiat een publiek van iets ruimer gebouwde dertigers voor ogen houden? Een goede zitpositie vinden zorgt misschien voor wat zoekwerk. Maar eens je die gevonden hebt, zit je goed. De tijd van korte beentjes en lange armen is definitief voorbij. Achterin is er echt geen plaats voor de beloofde drie personen. De middelste plaats zoek je tevergeefs doordat de afscheiding tussen de zitplaatsen erg hoog is. Bij nader toezien merk je overigens dat de Stilo, waarvan hij de erg goede bodemplaat overneemt, meer ruimte bood. Ligt het aan de hoogoplopende gordellijn en de daarbij horende kleine ramen, maar het gaat het er iets meer gedrongen aan toe.
De aankleding van het interieur oogt vrij donker, maar dat is een bewuste keuze. Hierdoor komt de aankleding van de deuren in celstructuur met rode schijn extra tot zijn recht. Verder fleuren de rode stiksels op zetels, het goed in de handliggende stuur en de versnellingsknoop de boel wat op. Het dashboard is bekleed met namaakcarbon. Leuk als je er van houdt, maar echt overtuigend vonden wij het niet. De layout zelf is goed. De bedieningen zijn logisch verdeeld, alhoewel dat sommige knoppen een duidelijke studie van de gebruiksaanwijzing vereisen.
Minder goed is het met de afleesbaarheid van het instrumentarium gesteld. Daar waar in het donker de oranje nachtverlichting uitstekend is, zijn de cijfers overdag haast onleesbaar. Door het spiegelende plastic zijn de donkergrijze cijfers op lichtgrijze achtergrond moeilijk te onderscheiden. Hier moet Fiat echt iets aan doen. Meer dan eens bleken we te snel te rijden zonder dat we dit konden aflezen. Met de hedendaagse boetetarieven is dit niet echt bevorderlijk voor je portemonnee.
De kofferruimte is met 400 liter behoorlijk groot. Jammer dat je je boodschappen wel over een hoge laaddrempel moet heffen. Voor dat grote volume wordt wel het reservewiel opgeofferd. De kans dat je ooit je band aan flarden rijdt is immers erg klein dacht men bij Fiat, dus besloot men dat een reparatiekit wel zou volstaan. En die ziet er nog leuk uit ook.
Motor/Prestaties
De motor is een oude bekende. Oud is veel gezegd, maar je vindt hem terug in verscheidene andere modellen. Niet alleen die van de Fiat-groep maar ook bij GM weten ze zijn kwaliteiten te waarderen. En dat is heus niet enkel een gevolg van de voorbije joint-venture waaruit de motorenfabriek ontsproot.
De 150 pk en vooral de 305 Nm koppel hebben in samenwerking met de zesbak makkelijk spel met de Bravo. De goed uitgekiende versnellingsbak maakt dat de toerentellen niet te fel zakken tijdens het accelereren. Enkel de lange zesde sluit hier niet direct op aan. Daartegenover staat dan wel dat de motor op autostrades bij 120 km/u slechts 2.100 omwentelingen maakt. Het royale koppel is al vanaf 1.500 omwentelingen prominent aanwezig, maar blijft present tot 3.500 toeren. Elke duw op het gaspedaal wordt prompt opgevolgd. Met korte bewegingen van de pook laat de versnellingsbak zich makkelijk schakelen. De oude Fiatjes stonden bekend om hun toerengeilheid, maar hier komt alles van onderin.
Het verbaast dan ook niet dat de subjectieve indruk door de chronometer volledig wordt bevestigd. Tot 100 km/u klokten wij slechts 8,9 seconden. Van 50 naar 90 gaan er slechts 4,3 seconden voorbij. En een vrachtwagen op de snelweg ziet jou na 5,8 seconden al aan 120 km/u wegrijden. En ook dan houdt de Bravo het nog lang niet voor bekeken. Zonder verpinken trekt hij met hetzelfde brio verder tot aan 180 km/u. Dan verzwakt hij lichtjes, om het pas bij 210 km/u voor bekeken te houden. Rudolf Diesel zal wel glimlachen als hij hoort dat een 1,9 liter diesel dergelijke prestaties kan neerzetten, zeker als je rekening houdt met het verbruik.
Verbruik
Voor deze prestaties vraagt de Bravo immers slechts een kleine vergoeding. Tijdens de test liepen er gemiddeld 7,6 liter uit de bak. Maar bij ritten aan de legale snelheden die Jan Modaal aanhoudt, stijgt het verbruik nooit boven de 6 liter. Het maximum verbruik lag op 11,8 liter per honderd km. Dat was tijdens de acceleratie- en wegliggingtesten. Omstandigheden die weinig realistisch zijn dus.
Rijgedrag
De Bravo spreidt een gezond, strak en veilig rijgedrag ten toon. De vooras volgt goed de ingeslagen weg, terwijl de achteras een zekere lichtheid vertoont. Die wordt echter in toom gehouden door het ESP. Net als je bij lastwissels denkt dat je moet gaan ingrijpen om een uitbrekende achteras te controleren is het ESP present en haalt de meeste dwarse aspiraties van de baan. Het ingrijpen van het ESP voel je erg duidelijk. De Bravo duikt sterk in de remmen en laat weinig twijfel bestaan over het oordeel van de rijkunsten van de chauffeur. Als je dus toch nog verder wil gaan bevind je je maar beter op een erg brede baan, want dan ben je heel erg ver boven de limiet en kan de wagen erg ver glijden. Je moet met andere woorden de beest uithangen om de Bravo in moeilijkheden te brengen. Tijdens een stevige rit blijft de auto mooi vlak en beloont zuiver stuurgedrag met best hoge bochtensnelheden. Zonder het comfort te veronachtzamen. Bij de afstelling van de vering werd er duidelijk gezocht naar een mooi compromis tussen wegligging en bruikbaar comfort.
Het stuur zelf is echter vrij licht. Hier hadden we graag wat meer feedback gekregen. Ook bespeurden we soms wat koppelreacties. Maar het hoge koppel zorgt er dan ook voor dat het ASR (antispin) duchtig gesolliciteerd wordt, zeker bij het uitacceleren na een bocht. Fiat zorgde ook nog voor een tweede, nog lichtere bedieningsmodule. De City-stand is gemaakt om vlot te kunnen manoeuvreren. Je draait in een oogwenk van de ene aanslag naar de andere, erg makkelijk bij het parkeren. Maar daar hou je het dan ook best bij. Voor de overige situaties is deze stand veel en veel te licht.
De remmen gaven tijdens de wegliggingtest blijk van uithouding. Alhoewel ze zeker niet gespaard werden dienden we enkel het pedaal wat dieper te duwen na meerdere stops.
Comfort
De Bravo blinkt niet uit op het gebied van rijcomfort. Maar hij weet op elk gebied behoorlijk te scoren. En voor een sportversie is dat op zich al een verdienste.
De vering slokt de meeste oneffenheden zonder morren op, enkel korte bobbels laat hij ongefilterd aan de inzittenden door. En de stoelen zitten, zoals reeds gezegd, vrij hard. Hoewel dat geen echt nadeel hoeft te zijn. Op lange ritten krijg je dan ook geen “doorzitgevoel”.
Iets lastiger te verteren is de geluidsproductie. De motor zelf is goed gedempt. Je hoort zijn stem wel, maar de diepe brom is eerder aangenaam en op snelwegen wordt hij volledig gesmoord door wind en bandenlawaai. Na een tijdje beginnen vooral de geluiden van de banden te storen. Op asfalt gaat het nog, maar op onze aftandse betonwegen dreunen de brede sloffen nadrukkelijk en laten elke naad zich door een duidelijke “tak” begeleiden.
Op de prominente middenconsole vind je de bediening van de radio en de airco. De radio en cd-combinatie doet prima zijn werk. Door de grote lay-out mag de bediening geen enkel probleem stellen. Ook de airco laat zich makkelijk en snel regelen. De gescheiden werking is vlot en snel.
Spijtig genoeg zijn de secundaire bedieningknoppen op de console wat klein uitgevallen, zodat de bediening ervan je aandacht van de weg afwendt. Niet dat je die dikwijls nodig hebt, maar grotere toetsen zijn daarom niet minder esthetisch.
Een erg leuke optie is trouwens de 'Bleu&Me'-module. Hiermee kan je bijvoorbeeld je eigen MP3’s of je USB-stick in de wagen laden. Of je GSM erop aansluiten waarbij je stem commando’s kan geven of je sms’jes kan laten aflezen. In een hoger niveau wordt zelfs de navigatie met dit systeem verbonden.
Veiligheid
In de kleinere klasse was de Stilo indertijd een voorloper wat betreft veiligheid. Ondertussen hebben de andere constructeurs het goede voorbeeld gevolgd, maar ook voor de Bravo trok Fiat de registers open. ABS met elektronische verdeling en HBA (extra remdruk bij paniekstops) en een Hill Hold systeem zorgen voor de nodige remassistentie. ESP zorgt voor veiligheid op de weg.
Zeven airbags, ook eentje voor de knieën, zorgen voor de bescherming van de inzittenden wanneer het toch eens misgaat. Deze airbags zijn eveneens van het Dual Stage system voorzien. Het ontvouwen van de airbags maar ook het aanspannen van de gordels is in verhouding met de kracht van de klap. Anti-whiplash kopsteunen en brandvertragende binnenbekleding zitten eveneens in het veiligheidspakket begrepen. Het is dan ook niet zonder trots dat Fiat de N-Cap testen met 5 sterren doorstond.
Uitrusting/Prijs
In vergelijking met zijn concurrenten vraagt Fiat “slechts” €23.690 voor de Bravo Sport. Zelfs voor deze prijs is de Bravo al erg goed uitgerust. Centrale vergrendeling, elektrische ruiten voor en achter en hoogteregeling van de bestuurdersstoel lijken voor een topmodel vanzelfsprekend.
Voeg er nog cruise control, een regensensor en een Park Assistance bij en het wordt al een mooi lijstje. En dan sommen we hier maar de voornaamste goodies op. Een goede hi-fi met de aantrekkelijke 'Bleu&me'-module en een airco met gescheiden bediening zorgen verder voor het welbehagen van de inzittenden. Uiteraard biedt Fiat nog verder de gelegenheid om de Bravo individueel aan te kleden.
Fiat biedt met de Bravo een geslaagd product. Het is een leuk ogende, ruime, goed uitgeruste en goed rijdende auto. In deze 'Sport' uitvoering voegt hij er nog een aantal troeven aan toe. De aankleding is ontegensprekelijk sportief en de aangepaste ophanging mag best dezelfde noemer dragen. Met de 150 pk sterke multijet biedt hij prestaties op niveau.
Hij mikt op de jonge vader met kinderen die zich af en toe nog eens wil laten gaan. Maar hiervoor niet wil afgestraft worden door een te hoge onkostenvergoeding. Zowel wat betreft aanschaf als wat betreft gebruikskosten scoort de Bravo bij de besten. En dat allemaal met de nodige Italiaanse zwier. Daar waar je vroeger al een Italianenfanaat moest zijn om de nadelen van deze auto’s te aanvaarden heb je nu een Europese auto met die typisch Italiaanse flair. Leuk toch.
|
|
|
|
Design en vormgeving
Prestaties
Compromis wegligging en comfort
Veiligheidsuitrusting
|
|
Te licht stuur
Ruimte binnenin
Afwerking interieur
Leesbaarheid instrumenten
|
|
|
Fiat Bravo 1.9 Multijet 150 Sport
Motor: 1.9 Multijet - 150 pk / 305 Nm
0-100 km/u: 8,9 s
Topsnelheid: 210 km/u
Gemiddeld verbruik: 7,6 l/100 km
Prijs vanaf: € 23.690
Prijs testwagen: € 25.885
|
|
|