Mini Cooper S (MkII)
Tekst en foto's:
Frederick Valkenborgh
|
p de redactie rijden we met heel wat verschillende wagens en 163 Pk is niet dadelijk iets om van achterover te vallen. Toch moesten we uitvechten wie hem mocht gaan ophalen en klopte ons hartje wat sneller toen we de knalgele Mini Cooper S die voor ons klaar was klaargezet, zagen staan.
Sinds John Cooper in de jaren 60 de Mini onder handen nam en de Rally van Monte Carlo maar liefst tot vier keer toe gewonnen werd, staat de naam Mini immers in het geheugen van elke rechtschapen autoliefhebber gegrift.
Ook toen BMW in 2001 de 'New Mini' op de markt gooide, bleek het wagentje een succesverhaal te zijn. Nu, zes jaar later, is het tijd voor een opvolger.
Koetswerk
De Mini van de tweede generatie is qua looks weinig veranderd ten opzichte van het vorige model. Het lijkt eerder een facelift dan een compleet nieuw model. De wagen heeft dan ook een aparte look waaraan niet teveel veranderd moet worden.
Je moet beide generaties al naast elkaar parkeren om de verschillen te kunnen ontwaren.
Vooraan werd de bumper wat gewijzigd en krijgt de grille een chromen omlijsting. De richtingaanwijzers kregen een plaats in de bovenste lichtunits en de mistlichten komen achter hetzelfde glas terecht als de standlichten.
Ook achteraan werden er slechts een paar subtiele veranderingen in de achterbumper en de lichtunits doorgevoerd.
Het blijft een super compact wagentje, met korte overhangen vooraan en achteraan. Deze Cooper S is specifiek te herkennen aan de grotere velgen, de dubbele uitlaat die centraal gemonteerd wordt achteraan en natuurlijk de luchthapper op de motorkap die het motorcompartiment van extra frisse lucht voorziet. Dat is nodig ook, want het geheel loopt zo warm dat je moet opletten om je vingers niet te verbranden als je na een rit de motorkap wilt opengooien.
Interieur
Binnenin de Mini is de blikvanger van dienst zonder twijfel nog steeds de centrale snel-heidsmeter. De diameter van deze enorme schijf nam zelfs nog toe, wat nodig was om de volledige bediening van de radio erin te kunnen integreren.
De rest van het dash-board is er daardoor wat minder druk en wat meer ergonomisch op geworden. De op-tionele CD-speler en de bediening van de klimaatregeling is het enige wat overblijft. Het design daarvan oogt wat futuristischer dan vroeger, maar voelt tegelijkertijd nog steeds zeer plastiekerig aan hoewel de af-werking wat verbeterd is.
De tuimelschake-laars waarmee je onder andere de elek-trische ruiten en de mistlichten kan bedienen werden behouden, net als de ronde venti-latieroosters.
Nieuw is de start/stop knop. Net zoals bij moederbedrijf BMW, volstaat het tegenwoordig om de ronde sleutel zon-der baard in een houder te schuiven, waarna een druk op de knop de Cooper S leven in blaast.
Leuk is ook dat met het interieurpakket een deel van de boordplank in koetswerkkleur kan worden afgewerkt. Maar ook de kleur van de zetels en de decoratieve lijsten van de deurpanelen kan vrij gekozen worden.
Tot slot is het mogelijk de sfeerverlichting binnenin aan te passen aan je gemoedstoestand... van blauw over paars tot rood... very Austin Powers allemaal.
Motor/Prestaties
Het 1,6 liter groot turbomotortje zal hier in Belgi๋ om de inschrijvingstaks te drukken, het meest besteld worden met een gereduceerd vermogen van 163 pk. Dat maximale vermogen komt al vrij bij 5.500 o/m.
Dankzij de compressor is het opvallend dat er reeds van in de lage toeren heel wat power beschikbaar is. Dankzij de 240 Nm kan je deze Cooper S rustig op het koppel rijden, zonder dat je hem constant in de hoge toeren moet jagen om vooruit te komen en dat is een heel groot voordeel ten opzichte van een atmosferische krachtbron.
De hernemingen zijn dan ook lovens-waardig: 50 tot 90 km/u in 3e neemt 4,2 seconden in beslag, 90 tot 120 km/u in 4e duurt 4,6 seconden. Dat is respectievelijk 0,9 en 0,7 seconden sneller dan in de Clio RS die we onlangs ook aan de tand hebben gevoeld.
Het klassieke sprintje tot 100 km/u lukte ons in 6,9 seconden. Vanaf 180 km/u is de fut er wat uit, maar de naald klimt verder totdat de top van 225 km/u bereikt is.
Voor de transmissie zorgt een uitstekende manuele zesbak van Getrag makkelij. Dankzij het gebruik van de compressor was het mogelijk de verhoudingen wat meer te spreiden zodat de Cooper S ook zonder problemen lange af-standen kan malen. Tegen 120 km/u in zesde versnelling blijft het toerenaantal immers beperkt tot 3.000 o/m.
Verbruik
Het voordeel van de beperkte cilinderinhoud en die lange zesde versnelling is dat de dorst niet zo groot is. Natuurlijk nemen de lichtjes die het brandstofpeil aangeven redelijk snel af bij stevig doorjakkeren. De Mini jaagt in het extreme geval dan ook bijna 14 liter benzine per 100 km door zijn cilinders.
Gemiddeld echter komt de Cooper S toe met zo'n 9,1 liter per 100 km. Gezien de 50 liter grote brandstoftank bedraagt de autonomie dan ongeveer 550 km. Redelijk zuinig dus voor een wagen met dit potentieel.
We zijn er zelfs in geslaagd een minimumverbruik van 6,4 liter per 100 km op te tekenen. Dan mag je uiteraard niet teveel rode lichten tegenkomen of sneller dan 110 km/u rijden.
Rijgedrag
Het is ondertussen een clich้ geworden, maar het blijft een feit: een Mini rijdt als een kart. Dat is bij de tweede generatie niet anders. Meer zelfs, men gebruikt tegenwoordig deze eigenschap als verkoopsargument en ook op de Mini website worden er overvloedig verwijzingen naar gemaakt.
De stuurinrichting is hyper-direct. Het minste dat je aan het stuur komt reageert het onderstel. Maar ook het koetswerk reageert onmiddellijk. Van rolneigingen is hier totaal geen sprake. Hoe snel je ook door de bocht gaat, de Mini geeft geen krimp.
Dankzij de uitstekende 18-duims Potenza's loopt de Mini als op rails. De grip is fenomenaal en de bochtsnelheden die met dit wagentje te halen zijn, zijn bijna onverantwoord.
Zolang de weg er zo vlak als een biljartlaken bijligt tenminste. In ons land is dit echter lang niet overal het geval... en dan is het bochtenpikken ineens niet meer zo eenvoudig. Van het moment je wat peknaden, oneffenheden of ruwe beton onder de wielen krijgt, stuitert de Mini als een springbal over de weg en is het quasi onmogelijk hem perfect beheerst op koers te houden.
Beide handen op het stuur is dan geen overdreven luxe.
Comfort
Het is ook door het constante gestuiter dat de Mini geen aangename reisgezel is om lange dagen mee door te brengen. De vering staat beenhard afgesteld en de stoelen zijn een tikje te hard.
Ideaal voor op het circuit, maar minder ideaal voor dagelijks gebruik. Elk putje of oneffenheid, zelfs de wegmarkering voel je tot in je onderrug. De optionele 18-duims laagprofiel banden maken het er niet beter op.
Rij- of rolgeluiden zijn er niet. Enkel vanaf 140 km/u treedt er wat windgeruis op aan de voorruit.
Veiligheid
Ten opzichte van de gewone Cooper versie, krijgt deze Cooper S vooraan grotere remschijven toebedeeld. Toch zijn ook deze stoppers bij intensief gebruik niet volledig fadingvrij.
Standaard is hij wel voorzien van ABS met elektronische remkrachtverdeling EBD, remstabiliteit in de bochten CBC, een elektronische tractiecontrole ASC+T en de dynamische stabiliteitscontrole DSC-III.
Langs de passieve zijde is de Mini voorzien van zes plofkussens, indien je in een overmoedige bui het toch iets te bont zou maken en geen elektronische hulp meer kan baten.
Uitrusting/Prijs
Wil je graag met de Cooper S de baan op, dan staat daar wel minstens 23.950 tegenover. Niet echt de goedkoopste uit de hoop als je dit vergelijkt met de Renault Clio RS (200 pk - 21.900), de Ford Fiesta ST (150 pk - 17.005), de VW Polo 1.8 GTI (150 pk - 19.390) of de Smart Forfour 1.5 Brabus (177 pk - 22.084).
Standaard krijgt de toekomstige eigenaar wel mistlichtjes vooraan, sportzetels, een elektronische airconditioning, een boordcomputer, Radio-CD en stabiliteitscontrole.
Door de kleurkeuze van dak en spiegels, door de beschikbare stripings op de motorkap en de talrijke opties, is er een ruim assortiment voor handen om je Mini naar eigen smaak te personaliseren. Zo wordt het al snel moeilijk om twee identieke Mini's te vinden.
Bijbetalen wordt het onder andere voor de knappe John Cooper Works 18-duims lichtmetalen velgen (1.577) die onder onze test-Cooper liggen, de chromen afwerking van het interieur (150), de gekleurde strook in koetswerkkleur die over de boordplank loopt (125) en de Radio Boost CD (220).
Wil je een Cooper S zoals op onze foto's, dan moet je bijgevolg 26.187 achterlaten.
De Mini Cooper S is de ideale funauto om af en toe wat mee rond te scheuren. Om dagelijkse verplaatsingen te doen, kunnen we hem echter niet aanraden. Daarvoor is hij niet comfortabel genoeg.
Als racekarretje behoort hij tot de betere uit zijn soort. Hij levert top prestaties met een aanvaardbaar verbruik, rijdt nog steeds als een kart, stuurt uiterst direct en beschikt over fenomenaal veel grip waardoor je loeiend hard door de bocht kan... zolang je je aan perfect gladgestreken asfalt houdt tenminste.
|
|
|
|
Trendy wagentje
Personaliseringsmogelijkheden
Prestaties
Verbruik
Wegligging en grip
|
|
Afwerking interieur
Koppelreacties in het stuur
Rijgedrag op slecht wegdek
Ophangingscomfort
|
|
|
Mini Cooper S (MkII)
Motor: 1.6i 4cyl. 16v - 163 pk / 240 Nm
0-100 km/u: 6,9 s
Topsnelheid: 225 km/u
Gemiddeld verbruik: 9,1 l/100 km
Prijs vanaf: 23.950
Prijs testwagen: 26.187
|
|
|